Meten is weten, maar in het geval van plasticvervuiling is het wel makkelijker gezegd dan gedaan. Tot nu toe zijn een aantal studies gedaan om de plasticvervuiling van rivieren, zeeën en oceanen te meten en te kwantificeren. De beste resultaten tot nu toe zijn echter schattingen en benaderende cijfers, waarbij de meetfout niet echt gekend is. Zo heeft een studie door het Nederlandse Rijkswaterstaat een berekend wat de instroom van plastic vervuiling is in de Noordzee via de rivieren Rijn, Maas, Schelde en Ems.

Meten is weten, dat staat als een paal boven water

Deze studie kwam tot de conclusie dat naar schatting 50% van alle drijvende plastic in de Noordzee afkomstig is van rivieren en dat ca. 15% van het drijvende plastic afval in de Noordzee via de Rijn, Maas en Schelde binnenstroomt.

Op zich geven deze cijfers heel wat aan. Echter, de studie heeft ook geconcludeerd dat er te weinig meetgegevens bekend zijn met betrekking tot de plastic vervuiling van rivieren in Nederland, en dat de weinige data die dan toch beschikbaar zijn, afkomstig zijn van bronnen die niet wetenschappelijk gevalideerd zijn. De beeldvorming omtrent plasticvervuiling van rivieren is nog steeds te veel afhankelijk van onvoldoende meetgegevens en van meningen van domeinexperten.

Op een vergelijkbare manier stelt het Amerikaanse National Oceanic and Atmospheric Administration dat er geen hard wetenschappelijk onderbouwde meetgegevens beschikbaar zijn over de grootte en omvang (noch in gewicht, noch in volume, noch in aantallen stukjes plastic) van de plastic vervuiling die aanwezig is in de plastic soep. Dat betekent niet dat de vervuiling er niet is. Integendeel, ze is zo erg dat ze zelfs met het blote oog zichtbaar is.

Maar het fenomeen is zo moeilijk om te meten en te kwantificeren dat we ons tot nu toe moeten behelpen met onvolledige en beperkte data die zijn bekomen b.m.v. niet-gestandardiseerde methodes. En deze data worden op hun beurt gebruikt voor extrapolaties op basis van talloze assumpties. Met andere woorden, we hebben momenteel noch een gevalideerde meetmethode noch een gevalideerd meetsysteem, zoals dat vereist is door de Six Sigma methodologie.

Vanuit deze optiek gaan we een dergelijke gevalideerde meetmethode en –systeem proberen te creëren. Uiteraard kunnen we dat niet alleen. Hiervoor willen we dan ook samenwerken met de nodige specialisten terzake, zowel uit de wetenschappelijke wereld als vanuit de industrie, de overheid en bevriende NGO’s.

In deze context zullen we samen meetprotocollen formuleren, meetpunten identificeren, vrijwilligers opleiden en begeleiden bij het uitvoeren van de staalnames, zorgen voor de juiste behandeling van deze genomen stalen (schoonmaken, sorteren, categoriseren, wegen, …) en de resultaten hiervan verwerken in statistische modellen met een zo hoog mogelijke nauwkeurigheid.